Zienswijze inzake locatie specifieke behoefte LS35, uitbreiding milieuruimte activiteiten vliegbasis Gilze-Rijen
Geachte minister,
Het Rijk werkt aan een toekomstbestendige krijgsmacht. Hiervoor is op 19 december 2025 het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD) vastgesteld. Voor 9 locatie specifieke behoeften was nog nader onderzoek nodig, én is een addendum op het NPRD opgeleverd. Het kabinet heeft voor deze 9 locatie specifieke behoeften, eveneens op 19 december, het ontwerp voorkeursalternatief vastgesteld, waaronder de uitbreiding van de milieuruimte voor activiteiten op vliegbasis Gilze-Rijen.
Ter voorbereiding op de planMER voor het NPRD heeft de Notitie reikwijdte en detailniveau (NRD) ter visie gelegen. Op 7 februari 2024 hebben wij daarop een zienswijze ingediend. Vervolgens heeft het NPRD ter inzage gelegen. Op 30 juni 2025 hebben wij ook daarop een zienswijze ingediend. In het verlengde daarvan wenst het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen ook een zienswijze in te dienen op het addendum van het planMER en het ontwerpvoorkeursalternatief voor de uitbreiding van de milieuruimte voor activiteiten op Vliegbasis Gilze-Rijen.
Zienswijze
Het NPRD werkt het specifieke nationale belang: ‘zorgdragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten’ genoemd in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), uit en maakt voorspelbaar op welke manier Defensie de komende tijd ruimtelijk zal handelen in gebieden waar uitbreidingen worden gerealiseerd.
Het NPRD is een programma als bedoeld in artikel 3.4 en 3.5 van de Omgevingswet, en is daarmee rijksbeleid waartoe het Rijk zich verbindt. Waar doorwerking naar ruimtelijke besluiten van andere overheden noodzakelijk is, zullen meer bindende instrumenten nodig zijn. Daarbij zal echter het NPRD in acht worden genomen. Voor onze gemeente is daarom van belang dat in het rijksbeleid, het programma, de juiste uitgangspunten worden gehanteerd en voldoende geborgd, zodat wij erop kunnen vertrouwen dat daarmee rekening wordt gehouden bij vervolg- en uitwerkingsbesluiten.
Onze gemeente werkt rondom vliegbasis Gilze-Rijen al decennialang samen met Defensie als goede buur. In die samenwerking zijn mooie stappen gezet en zijn op onderdelen ook positieve ontwikkelingen zichtbaar, bijvoorbeeld in de erkenning van problematiek zoals het zoeken naar oplossingen voor het aspect Rattle-Noise en de in 2024 ondertekende intentieverklaring samen met omwonenden. Met de intentieverklaring vonden omwonenden, gemeente en vliegbasis een balans tussen het beperken van overlast voor de omgeving en het op peil houden van de geoefendheid van alle taken van het Defensie Helikopter Commando. De intentieverklaring geeft blijk van het vertrouwen dat we als naaste buren, in samenwerking met omwonenden in elkaar hebben.
Tegelijkertijd blijft onze gemeente structureel belast met militaire vliegactiviteiten, wat zich uit in geluidsbelasting, trillingen en planologische beperkingen. Rondom de vliegbasis is het daarom moeilijk woningbouw te realiseren. Dit én het geluidniveau ter plaatse van de reeds bestaande woningen, heeft directe gevolgen heeft voor de leefbaarheid. Extra activiteiten op en rondom de vliegbasis leiden tot meer geluidsoverlast, druk op de gezondheid en een verslechtering van de leefbaarheid. Juist tegen die achtergrond blijft een zorgvuldige afstemming cruciaal. Het addendum op de planMER én het ontwerpvoorkeursalternatief kunnen op enkele punten nog ten koste gaan van het welzijn van onze inwoners. Met deze zienswijze roepen wij Defensie op om de situering van de extra activiteiten op de vliegbasis te heroverwegen, en er daarmee zorg voor te dragen dat er géén extra milieuhinder ontstaat bij omwonenden.
Uitbreiding milieuruimte activiteiten vliegbasis Gilze-Rijen (LS35)
In het addendum bij het planMER ontbreekt een analyse van kortstondige, piekachtige geluiden (impuls- en eventgeluid). In het planMER wordt gesteld dat een toename van het aantal minuten niet leidt tot een verhoging, dit is correct. Echter wordt met het ontwerpvoorkeursalternatief expliciet ruimte geboden aan nieuwe activiteiten, zo stelt paragraaf 9.4.1., waaronder de inzet van andere vliegtuigtypen en ondersteunende activiteiten. In het bijzonder wordt de introductie van activiteiten met toestellen met een duidelijk afwijkend geluidsprofiel, zoals de F-35, niet afzonderlijk beoordeeld op piekbelasting, maximale geluidniveaus en hinderbeleving.
Juist deze kortstondige geluiden zijn voor de omgeving dominant in de hinderervaring en vormen een wezenlijk onderdeel van de feitelijke belasting van het woon- en leefklimaat. Het ontbreken van een specifieke analyse is daarom niet uitlegbaar, temeer nu het hier gaat om bronnen die qua karakter, frequentiespectrum en piekniveaus wezenlijk verschillen van bestaande activiteiten. Vliegbasis Gilze-Rijen is de thuisbasis van het Defensie Helikopter Commando en de grootste helikopterbasis van Europa. Wij achten het noodzakelijk en zorgvuldig dat deze effecten alsnog expliciet en afzonderlijk worden onderzocht en inzichtelijk gemaakt, zodat een reëel beeld ontstaat van de daadwerkelijke gevolgen voor de omgeving.
Onvoldoende inzicht in geluidcontouren mét maatregelen
In het addendum wordt verwezen naar mogelijke mitigerende maatregelen, maar het blijft onduidelijk wat het effect van deze maatregelen is op de uiteindelijke geluidbelasting. Een concrete uitwerking van geluidcontouren in een situatie waarin maatregelen daadwerkelijk zijn toegepast, ontbreekt. Zonder een inzichtelijke weergave van de geluidcontouren mét maatregelen kan niet worden beoordeeld of en in hoeverre de voorgestelde uitbreiding van de milieuruimte leidt tot een aanvaardbare situatie voor de omgeving.
Wij achten het noodzakelijk dat niet alleen een ‘worst case’- of autonome situatie wordt gepresenteerd, maar ook een transparant en controleerbaar beeld wordt gegeven van de geluidbelasting in een realistisch scenario waarin mitigerende maatregelen zijn verondersteld, én welke maatregelen dit dan zijn. Pas dan kan worden vastgesteld of de uitbreiding van activiteiten daadwerkelijk binnen aanvaardbare grenzen blijft. Op deze wijze ontstaat er géén verschil van inzicht in hoe de mitigerende maatregelen kunnen worden uitgelegd.
Ontbreken (ongerubriceerde) versie akoestisch onderzoek
Voor de gemeente is het op dit moment slechts beperkt mogelijk om de akoestische effecten van het ontwerpvoorkeursalternatief te doorgronden en te toetsen. Een (ongerubriceerde,) openbaar toegankelijke versie van het akoestisch onderzoek ontbreekt, zoals dit eerder voor het gehele planMER wél was opgesteld door NLR. Hierdoor is onvoldoende inzichtelijk welke aannames zijn gehanteerd, welke bronnen zijn doorgerekend en hoe de resultaten zich ruimtelijk vertalen naar de omgeving buiten het defensieterrein.
Wij constateren dat deze beperkte toegankelijkheid afbreuk doet aan de transparantie en toetsbaarheid van het addendum op het planMER én het ontwerpvoorkeursalternatief. Zeker in een situatie waarin sprake is van een structureel belaste omgeving, mag worden verwacht dat het Rijk maximale openheid biedt over de effecten van voorgenomen keuzes, zodat overheden en omwonenden hun rol in het proces zorgvuldig kunnen vervullen.
Rijksmonument op de vliegbasis
In het addendum van het planMER is opgenomen dat er géén beschermde culturele erfgoedwaarden op de vliegbasis zijn gelegen. Dit is onjuist, gezien de aanwezigheid van de kompascompenseerschijf op de vliegbasis. Dit dient dan ook aangevuld én betrokken te worden in de afweging.
Relatie met de Wet op de defensiegereedstelling (WODG)
Daarnaast is onduidelijk hoe het ontwerpvoorkeursalternatief zich verhoudt tot de Wet op de defensiegereedstelling (WODG). Deze wet beoogt, mede door versnelde besluitvorming en ruimere mogelijkheden voor Defensie, een grotere druk te leggen op de fysieke leefomgeving. Juist in dat licht is het van belang dat effecten volledig, transparant en zorgvuldig in beeld worden gebracht.
Het ontbreken van analyses van kortstondige geluiden, het ontbreken van inzicht in geluidcontouren mét maatregelen en het niet beschikbaar stellen van een ongerubriceerd akoestisch onderzoek, roept de vraag op hoe wordt geborgd dat de belangen van de leefomgeving en volksgezondheid voldoende worden meegewogen binnen het toekomstige juridische kader van de WODG. Zonder deze borging ontstaat het risico dat latere besluiten zich beroepen op dit programma, terwijl de onderliggende effecten onvoldoende zijn onderzocht en afgewogen.
Afsluiting
Het college benadrukt dat het bij de eerdere fasen van de NRD en het NPRD steeds een constructieve houding van Defensie heeft mogen ontvangen, met oog voor zowel het nationale belang van Defensie als voor de leefbaarheid van onze gemeente. Gelet op de omvang van het defensieterrein en de beschikbare ruimte binnen de hekken van vliegbasis Gilze-Rijen verwachten wij in dit proces dezelfde houding. Wij achten het redelijk en noodzakelijk dat oplossingen primair op het terrein zelf worden gezocht. Extra activiteiten mogen er niet toe leiden dat de geluidbelasting en hinder buiten de grenzen van de vliegbasis toeneemt. Wij verwachten dat dit uitgangspunt expliciet wordt gehanteerd en geborgd in de verdere uitwerking van het ontwerpvoorkeursalternatief.
Met vriendelijke groet,
burgemeester en wethouders van Gilze en Rijen,
de secretaris: P.A.M. (Monique) van Bavel
de burgemeester: D.A. (Derk) Alssema